Cookies

Deze site gebruikt cookies waar we je toestemming voor nodig hebben.

Rassen Aadia (BIE 13-1179)

Eigenschappen (nieuw ras, voorlopige cijfers)

Afrijping Middenlaat (4,5)
Schilkleur Lichtgeel
Vleeskleur Geel
Aantal kn/pl 8-10
Stootblauw 4
Rooibeschadiging 6
Rel. opbrengst Gemiddeld
OWG 550 (hoog)
Phytophthora-loof 7
Phytophthora-knol 7
Alternaria 5
Schurft 6
Kringerigheid 7
Y-virus 9
M. Chitwoodi 4
Kiemrust 7
Bewaarbaarheid 8

Plantafstanden

(afhankelijk van het aantal knollen per 10 kg)

Maat 75 cm rug Planten per hectare pl/ha
28/35 18 cm 74.000 pl/ha
35/50 27 cm 49.000 pl/ha

Bemestingrichtlijn

(advies sterk afhankelijk van bodemanalyse)

Meststof kg/ha Toepassing 1e Toepassing 2e
N 150-180 2/3 1/3
P₂O₅ o.b.v. bodemanalyse 3/4 1/4
K₂O 250-275 3/4 1/4

Aardappelmoeheid

Ro1,4 Ro2,3 Pa2 Pa3
9 9 9 9

Wratziekte

F1 F2/6
9 8

Aandachtspunten

Poten

  • Aadia heeft een goede kiemrust; pootgoed niet koud uit de koeling poten, eerst opwarmen en in witte-puntjesstadium poten. ​

  • Houd bij de perceelskeuze rekening met de nematodenpopulatie; Aadia is niet tolerant voor aardappelcystenaaltjes.

Teelt

  • Gevoelig voor Sencor na opkomst. ​

  • 2e N-gift na knolzetting. ​

  • Alert zijn op Alternaria. Een normaal Phytophthora spuitschema aanhouden. ​

  • Gevoelig voor bladverbranding bij de combinatie van Olie-H met Phytophthora-middelen.

Oogst & bewaring

  • Doodgespoten perceel goed laten afharden. ​

  • Voorkom dat de knollen tijdens het rooien beschadigen. Aadia heeft een hoog OWG en is blauwgevoelig. Beschadiging is nadelig voor de kwaliteit en bewaarbaarheid. Rooi alleen bij droog weer. ​

  • Na wondheling geleidelijk terugkoelen en bewaren bij een stabiele temperatuur van 7 °C.