Cookies

Deze site gebruikt cookies waar we je toestemming voor nodig hebben.

Rassen Lady Anna

Eigenschappen

Afrijping (6) midden
Schilkleur Donkergeel
Vleeskleur Geel
Aantal kn/pl 11
Grofheid 8
Stootblauw 7 (weinig gevoelig)
Rooibeschadiging 5
Rel. opbrengst Vrij hoog
OWG 420-430
Phytophthora-loof 4
Phytophthora-knol 5
Schurft 6,5
Ro 1,2,3,4 Pa2 R
Wratziekte f1 R
Kringerigheid 7
Y-virus 8
Kooktype B
Frites 8
Kiemrust 6
Bewaarbaarheid 7

Plantafstanden

(afhankelijk van het aantal knollen per 10 kg)

Maat 75 cm rug Planten per hectare pl/ha
35/45 38-40 cm 34.200 pl/ha
45/50 41-43 cm 31.700 pl/ha
50/60 gesneden 38-40 cm 34.200 pl/ha
Op zware kleigronden iets nauwer poten

Bemestingrichtlijn

(Advies sterk afhankelijk van bodemanalyse)

Meststof kg/ha Toepassing 1e Toepassing 2e Toepassing 3e
N 230-260 2/4 1/4 1/4
P₂O₅ o.b.v. bodemanalyse 4/4
K₂O 275-325 4/4
Chloorhoudende kali is geen probleem vanwege het hoge OWG.
Kan met vloeibare bemesting in delen.

Aandachtspunten

Poten

  • Pootgoed op temperatuur brengen voor poten; niet afkiemen en voorkom kiembeschadiging.

  • Poot in warme grond op maaivelddiepte. Lady Anna groeit diep in de rug.

Teelt

  • Weinig gevoelig voor Sencor.

  • 2e N-gift na knolzetting en 3e N-gift na de bloei (kan met vloeibare bemesting).

Oogst & bewaring

  • Doodgespoten perceel goed laten afharden; Lady Anna is iets gevoelig voor beschadiging.

  • Een gemiddelde kiemrust; na de wondheling geleidelijk terugkoelen en bewaren bij een stabiele temperatuur van 7 °C.